We leven in een kenniseconomie. Zonder informatie zijn we hulpeloze wezens aan het worden, ik althans. Ik voel me hulpeloos bij de tramhalte als de tram niet komt en ik weet niet waarom. Dat kan namelijk met de trein sinds kort wel en dat went snel. Als ik ergens heen ga waar ik nog niet eerder ben geweest en ik heb alleen een adres nodig en dan kom ik er wel. Dan gebruik ik mijn kaarten app met GPS om de snelste route te bepalen.

Ook zo fijn zijn de programmaatjes op mijn telefoon die mijn boodschappenlijstje bijhouden, verjaardagen bijhouden, to do listjes afstrepen, je aan afspraken herinneren, de temperatuur weergeven van de locatie waar ik op vakantie wil: waar ik ook ben en vooral ook wanneer ik wil. Veel van deze apps zijn gemaakt op informatie die algemeen bekend is. Sinds Google earth beschikbaar is kunnen er allerlei statistieken op de kaart worden losgelaten en ontstaan er interactieve mogelijkheden om informatie te verwerken. Zo heeft Quote kaarten waarop precies de rijke lui-dichtheid staat en IENS heeft een app gemaakt die weergeeft waar je het best kan eten in een straal van 1 km. Je kan het bijna niet verzinnen of er is een app voor te vinden.

Elke dag komen er miljoenen slimme programmaatjes bij die het leven een beetje makkelijker, leuker, informatiever en bereikbaar maken. De overheid heeft veel informatie beschikbaar die eigenlijk voor iedereen toegankelijk zou moeten zijn. Je hoeft maar een gemeentelijke dienst op te bellen en je weet waar de verkeerslichten staan. Waarom zijn deze gegevens nog zo afgeschermd? Slimme wizzkids kunnen juist van deze informatie nieuwe programma’s ontwikkelen die de stad dienen. Informatie overbrengen, bijvoorbeeld de bewustwording over klimaatverandering stimuleren. Zoals de app van The Copenhagen Wheel http://senseable.mit.edu/copenhagenwheel/ . Hier helpt iedereen die met het wiel door de stad fietst met het vullen van een database met luchtkwaliteitgegevens. Tegelijkertijd krijgen ze inzicht in de luchtkwaliteit van de stad.

Dit soort informatiestromen zijn leuk en informatief. Vaak zijn gemeenten bang om bepaalde gegevens openbaar te maken. Omdat het politiek gevoelig kan liggen, het commerciële partijen bepaalde inzichten kan geven of wat dan al niet meer.. Maar het tegengeluid wordt steeds interessanter: het kan namelijk juist de stad helpen beter bereikbaar te maken, interactiever te maken, leuker te maken en het levert soms ook nog economische spin-offs op. Steden als Toronto,Vancouver en Washington DC hebben al platforms voor open data. Zij zijn de voorlopers en dat gaat snel. De ene app na de ander wordt ontwikkeld. De apps zorgen ervoor dat ruwe informatie beter beschikbaar, leesbaar en gevisualiseerd wordt. (data.gov, data.gov.uk) GIS-data, verkeersmodellen, statistische gegevens over luchtkwaliteit of milieugegevens: alles wat beschikbaar is en waar mensen wat mee kunnen zouden we dus eigenlijk open moeten gooien, verrassende verbanden worden gelegd en trends komen vanzelf naar voren.

De gemeente Amsterdam zet voorzichtig de eerste verkennende stapjes richting de toekomst. Veel vragen worden angstig gesteld, want wat is dat nou, “open data”?? Wat hoort hier wel en wat hoort hier niet bij? Dat zijn de verkennende vragen die nu op komen. Volgens mij moeten we hier juist positief en vol vertrouwen in staan in plaats wantrouwend en conservatief. Bescherming van gegevens is er wellicht al in de bestaande wetgeving, wet openbaarheid van bestuur en de wet bescherming persoonsgegevens. Dan blijft er nog genoeg over wat men dan vertrouwelijke informatie noemt… maar wat is nou eigenlijk vertrouwelijke informatie?! Ik wil gewoon de volgende keer bij de tramhalte op mijn app kijken wanneer de tram komt om in te kunnen schatten of ik nog snel een koffietje voor onderweg kan halen! Wie helpt er mee met een app voor PLUG!? Wie kan apps maken en heeft een gek idee?!”

Femke Haccoû